Expanded Cinema, Gene Youngblood

Van ‘Expanded Cinema’ wordt gezegd dat het een van de eerste boeken is die videokunst als kunstdiscipline op de kaart zette. De schrijver, Gene Youngblood, stond midden in de ontwikkelingen op het gebied van abstracte animatie en videokunst in de jaren vijftig en zestig. De computer heeft nog maar net zijn intrede gedaan en er wordt volop geëxperimenteerd.

Youngblood voorspelt dat televisie zijn oppervlakkigheid zal ontgroeien en dat er zich een nieuw bewustzijn aan het ontwikkelen is.De titel expanded cinema slaat dus niet alleen op film buiten de traditionele conventie van het filmdoek, maar ook op een expanded conciousness.

Het boek bespreekt uitgebreid werk van videokunstenaars als Nam Yune Paik, abstracte (computer)animatie van bijvoorbeeld John Whitney en Jordan Belson en performances van onder andere Carolee Schneemann. Gecombineerd met interviews, gaat het boek onder andere in op de techniek achter de films. Maar eerst worden in de eerste twee hoofdstukken deze werken van een maatschappelijk filosofische context voorzien. Youngblood spreekt van de ontwikkelingen in de wetenschap en technologie, van reizen naar de maan en de mogelijkheden met computers die eindeloos lijken, waardoor de mens aan het denken worden gezet over zijn relatie tot het heelal.

Youngblood is duidelijk niet gecharmeerd van de ‘realiteit’ die de commerciële media ons voorspiegelen: meer en meer maken media deel uit van onze omgeving, en is hun inhoud bepalend geworden voor ons leven.Maar de mens is eerder slachtoffer van zijn omgeving, dan dat hij er zelf invulling aan kan geven. Entertainment is gebaseerd op formules en bevestigt alleen maar de status quo. Producten van de entertainmentindustrie spelen in op de verwachtingen van het publiek en manipuleren de kijker op deze manier. Youngblood neemt met andere woorden het bekende elitaire standpunt in met zijn kritiek op de massacultuur.


01: ‘Allures’, Jordan Belson
02:’Phenomena’, Jordan Belson

De opkomst van expanded cinema is duidelijk een product van de tijdsgeest van toen: het hele idee van bevrijding, in de vorm van geestverruimende middelen, maar ook seksuele bevrijding (bijvoorbeeld in het werk van Carolee Schleemann), komt op vele manieren terug in de besproken werken. Een film als 2001: A Space Odyssey (Stanley Kubrick, 1968) wordt ook vanuit die gedachte bekeken: de astronaut gaat een nieuw tijdperk in en is niet meer gebonden aan de beperkingen van de aarde, maar heeft het universum voor zich liggen.

Het boek mag dan in 1970 zijn uitgekomen, toch valt het op hoeveel ideeën ook nu terugkomen. Alleen worden ze steeds met andere technieken of op een andere manier gerealiseerd. Een moderne componist als John Cage was weer geïnspireerd door Mozart, die ook het ‘toeval’ verwerkte in zijn stukken. Ook de opzet van de Vortex Concerts (experimenten met film en geluid van kunstenaars Belson en Jacobs in het Morrison Planetarium in San Francisco, 1957-1960), met andere woorden van film buiten het filmdoek, of film in een performance setting, is ook nog steeds actueel. Hoewel de utopische visie van Youngblood niet meer van deze tijd en bij vlagen lachwekkend is, zorgt het boek er toch voor dat besproken werken, die nu als klassieker worden beschouwd, in hun context kunnen worden gezien.


Douglas Trumbull’s ‘Stargate Corridor’ from ‘2001: A Space Odyssey’

Sommige verwachtingen van toen zijn helaas niet uitgekomen: computers programmeren zichzelf nog steeds niet… Met name de ontwikkelingen die Youngblood voorzag rond het medium televisie zijn uitgebleven. Op sommige momenten komen de visies als typisch jaren zeventig over, wanneer er wordt verwezen naar de ideeën van Krishnamurti en in de introductie van R. Buckminster Fuller we aan worden gesproken als astronauten aan boord van space vessel Earth. Toch werken Youngblood’s affiniteit met het onderwerp en zijn beeldende beschrijvingen aanstekelijk en scheppen ze een duidelijk beeld van werken die soms moeilijk te vinden zijn. Youngblood heeft een brede kijk op het geheel, hij maakt verbanden tussen wetenschap, filosofie en de praktijk van de kunst, dingen die voor hem onlosmakelijk verbonden zijn.

Het hele boek is hier te downloaden: link

Henry Jacobs (l) en Jordan Belson tijdens de Vortex Concerts.